DEEL 5. Vallen

DEEL 5: Vallen

Als je nu pas inspringt, lees ook zeker:
DEEL 0: Waarom het tijd is voor mijn verhaal
DEEL 1: Van Elke naar vroedvrouw
DEEL 2: Van vroedvrouw zelfstandige vroedvrouw 
DEEL 3: Van zelfstandige vroedvrouw naar onderneemster
DEEL 4: Van ondernemen naar overdrijven

In mei 2018 liep het pas echt fout. Serena, mijn vriendin én collega, moest forfait geven als gastvrouw voor de jaarlijkse studiedag op de Internationale dag van de Vroedvrouw. Ik besloot haar te vervangen en dus de dag aan elkaar te praten.

De dag van de vroedvrouw is een warme dag. We leren er veel, we versterken mekaar.
Er wordt ook een prijs uitgereikt. De Gouden Pinard gaat naar een team én individu wiens verwezelijkingen en inzet volgens de collega’s beloond mag worden.

In 2017 won ik die prijs. Het voelde toen niet helemaal goed, omdat wij naar buiten komen als ‘Vroedvrouwenpraktijk De Wolk’, niet als ‘Elke en De Wolk’. Als er toch prijzen werden uitgedeeld, gaf ik ze liever aan mijn collega’s van de praktijk, of aan mijn man… Ik voelde me er niet helemaal lekker bij.

Na de studiedag, las ik in één van de evaluatiefiches: ‘Deze dame heeft de prijs totaal niet verdiend’. Verdomme. Dat deed pijn. De argumenten die deze collega aanhaalde, stoelden op onjuiste informatie – fake news om het met 2019 te zeggen – en toch: die ene giftige commentaar maakte dat ik ging geloven dat die ene persoon gelijk had.

Het vergde dus moed om een jaar later mijn vriendin te durven vervangen als gastvrouw.
Na afloop van het studiemoment, kregen we zoals steeds de evaluatiefiches.
Ik las: ‘Dit jaar is de Gouden Pinard wel verdiend, vorig jaar niet.’
Opnieuw. Die ene commentaar schoot me voor de tweede keer recht in het hart.
Ik trilde op mijn benen.Die dag sprak ik met niemand, ik wilde naar huis.

Maar dat ging niet. Want er was ook schoolfeest. Ik moést daar geraken.

Ik was van wacht geweest, had keihard gewerkt om alles rond te krijgen en het was gelukt.
Ik was er geraakt. Enfin. Mijn lijf was er geraakt. Ikzelf niet.

Ik was geen mama meer. Ik wrong me in 7000 bochten. Ik wilde er zijn voor mijn cliënten, mijn collega’s, mijn man, mijn familie, mijn vrienden, mijn kinderen, mijn boekhouding, mijn, mijn, mijn…

Toen ik mijn ogen opendeed was het zondag. Ik stond op, kroop naast mijn man en zei: ‘Het is genoeg. Ik kan niet meer. Ik wil niet meer.’ We hebben gepraat. Ik heb gehuild.
We hebben nog gepraat en ik heb nog gehuild.

Deel 6: Het is niet hoe we vallen, wel hoe we weer opstaan